Afsluitende beschouwing debat over kinderen zonder wettig verblijf

Na afloop van het debat op 10 april 2014 over de impact op kinderen van een leven zonder wettig verblijf in België gaf Karen De Clercq van Samenlevingsopbouw Brussel nog een afsluitende beschouwing over de problematiek van deze kinderen en hun families. Hieronder kunt u deze beschouwing nog eens nalezen.

"De opvangproblematiek van kinderen en gezinnen zonder wettig verblijf sleept al jaren aan. Als mevrouw De Block in een reactie stelt dat in het Open Terugkeer Centrum “tenminste MOEITE wordt gedaan”, dan verwijst ze naar een niet zo ver verleden waar de families gedurende jaren systematisch door Fedasil geweigerd werden in het opvangnetwerk. De overheid had zelf deze impasse veroorzaakt, ondermeer door de verzadiging van de opvangplaatsen, en bijgevolg dienden de families voor de rechter hun recht af te dwingen. Hulpverleners zagen toen al heel wat families in het straatbeeld, vooral zij die niet de capaciteit hadden om een procedure aan te spannen. De opvangcrisis is intussen verholpen maar vandaag de dag zien we dezelfde, en andere families en hun soms erg jonge kinderen in de straat, de oorzaak is echter verschillend.

Vanop het terrein wordt vastgesteld dat het verhaal van deze ouders en hun kinderen te weinig centraal wordt gesteld in het huidige begeleidingstraject. Hun behoeftes, wensen en toekomstperspectieven laten zich vaak niet zomaar vangen in onze ouderwetse verblijfswetgeving. Hun vaak complexe situatie vraagt een gedegen ondersteuning in het zoeken naar een oplossing, die verder gaat dan enkel het behandelen van een administratief dossier. Bijvoorbeeld, indien een familie in het Open terugkeercentrum belandt na drie negatieve asielaanvragen, en van geen enkele van de drie begrijpt waarom ze zijn afgewezen, dan is het de taak van de begeleiding om dit te verduidelijken aan de familie, hoe moeilijk ook. Enkel indien de informatie duidelijk en compleet is, is de familie in staat om haar migratieproject te doorzien en bij te sturen. Er dient bovendien aandacht te zijn voor hun sociale realiteit, voor ons soms vreemd en onbekend, zonder de familie ervan te beschuldigen dat ze niet binnen de verblijfslijntjes kleurt en haar dan maar gewoon terug te sturen. Een alleenstaande vrouw kan er bijvoorbeeld voor kiezen onwettig in België te blijven omdat haar gehandicapt kind in het land van herkomst wordt gediscrimineerd en geen goede onderwijskansen krijgt. Of nog, als ik nog wat verder ga, hoe kan een net bevallen alleenstaande moeder de keuze maken tussen een leven op straat met haar pasgeborene, of een terugkeer naar een land dat ze is ontvlucht?

Echter, wat het nieuwe opvang- en begeleidingsalternatief betreft, zijn er heel wat aanwijzingen dat er één en ander aan schort, dat bewijzen niet in het minst het aantal verdwijningen vanuit het Open TerugkeerCentrum vóór het aflopen van de opvangperiode van 30 dagen, volgens de laatste cijfers ongeveer de helft van de families. Één op twee families kiezen dus voor de clandestiniteit en komen bijgevolg vaak terecht in noodopvang. Ook op juridisch vlak vertonen zich een aantal hiaten, zo stelde de federale ombudsman in haar jaarrapport en de arbeidsrechtbank van Brugge op 19 februari laatstleden. De rechtbank stelde dat hun opvangrecht niet afhankelijk is van terugkeer, noch beperkt is in de tijd, en dus de opvang in het terugkeercentrum van Holsbeek onwettig is.
Noodopvanginitiatieven zijn ons inziens een noodzakelijk kwaad, en louter een verschuiving van het probleem, zolang het opvangbeleid aan allerhande condities wordt onderworpen. Zolang de opvangplaats geen veilige haven voor de familie betekent, van waaruit ze de crisis kunnen ontmijnen en zich terug op de toekomst kunnen richten, in een constructie waar ze zélf deel in hebben, zullen de noodopvangvoorzieningen tot de nok gevuld blijven met deze families.

La Belgique semble se contenter de ce «quelque chose vaut mieux que rien”, mais permettez-moi d'appeler à une évaluation approfondie de ces nouvelles politiques d’accueil et de leur impact sur les enfants concernés, ensemble avec les acteurs de terrain. Après une période d’un an, il est urgent de réaliser une évaluation qui tienne compte de tous les éléments pertinents et qui doit être réalisée selon les principes du droit international relatif à la protection des droits des enfants et des droits de l’Homme. Il faut analyser et évaluer pourquoi le taux de disparitions est si élevé. Il faut aussi évaluer et analyser comment l’intérêt supérieur des enfants est pris en compte dans toutes les étapes du processus migratoire, mais aussi au niveau de l’accès à la santé et à l’éducation. Cet intérêt supérieur de l’enfant doit aussi être analysé lors d’un retour volontaire. Il faut aussi évaluer si les familles bénéficient du soutien adéquat d’un avocat et d’un conseiller au cas où la famille choisit d’introduire une demande de séjour. La recherche d’une solution durable pour les familles qui se trouvent dans un processus migratoire est pour nous essentielle.

La solution durable peut être en Belgique comme elle peut aussi être dans le pays d’origine. Pourquoi ne pas défendre une vision plus large de l'aide au retour, au cas où une famille est prête à rentrer dans son pays d'origine? Du point de vue des acteurs de terrain, il est cependant primordial que si retour il y a, celui-ci soit durable et permette aux familles de mener une vie digne. Les familles doivent aussi être mieux préparées à un retour éventuel. Peut-être est-il possible de leur offrir des chances supplémentaires, pour assurer une meilleure autonomie une fois rentrés chez eux? Un stage, une formation, un soutien pour donner vie à un projet économique dans le pays d'origine, un renforcement des liens familiaux, et ainsi de suite.

Il existe de nombreuses suggestions et un appel clair aux décideurs politiques pour aller discuter avec les acteurs de terrain. La Belgique a le devoir de prendre soin de TOUS ses enfants, indépen-damment de leur statut ou de celui de leurs parents. Sur base des évaluations menées, des conclusions et des recommandations devront être formulées pour mettre en œuvre un véritable accueil et un accompagnement de qualité. Parce que chaque enfant dans la rue est un enfant de trop."

Au nom de la Plate-forme Mineurs en Exil, de Samenlevingsopbouw et d’UNICEF Belgique, je tiens à vous remercier pour votre présence ce soir. Espérons que chacun d’entre nous puisse faire avancer les droits de TOUS les enfants et leurs familles en Belgique et dans le monde.

Meeting levert een actieve bijdrage aan het uitoefenen van de grondrechten en toekomstperspectieven van mensen zonder wettig verblijf in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Meeting
Oppemstraat 54
1000 Brussel
Tel. 02/502.11.40
E-mail: info@meetingvzw.be

Meeting is een deelwerking van Samenlevingsopbouw Brussel vzw en Link=Brussel vzw met de financiële steun van de Vlaamse Gemeenschap en Vlaamse Gemeenschapscommissie.