Nieuw akkoord voor opvang gezinnen zonder wettig verblijf gaat in tegen de wet en biedt geen oplossing

Fedasil en de Dienst Vreemdelingenzaken hebben onderling een nieuw akkoord afgeslotenover het begeleidingstraject voor gezinnen met kinderen zonder wettig verblijf. Deze gezinnen worden vanaf vandaag opgevangen in het open terugkeercentrum van Holsbeek, waar ze gedurende 30 dagen een terugkeerbegeleiding krijgen. Deze aanpak gaat in tegen de wet en dreigt kwetsbare gezinnen nog dieper in de kwetsbaarheid te duwen.

Volgens de Belgische wet hebben minderjarigen zonder wettig verblijf recht op opvang wanneer hun ouders niet in staat zijn in hun onderhoud te voorzien. Tot voor kort werden de opgevangen gezinnen begeleid naar een regularisatie in België of een terugkeer naar het land van herkomst. Deze tweesporenbegeleiding wordt nu pertinent aan de kant geschoven. Volgens het nieuwe akkoord zouden de gezinnen nog slechts 30 dagen worden begeleid en enkel naar een terugkeer. De wet bepaalt nochtans dat deze gezinnen binnen de eerste drie maanden van hun opvang begeleid moeten worden naar een duurzame oplossing – ofwel door een regularisatie ven hun verblijf ofwel door terugkeer. Het is maar de vraag of die snelle en eenzijdige aanpak zal werken. In de open terugkeerplaatsen van Fedasil werkt de overheid op dezelfde manier en de terugkeercijfers zijn er desastreus: 78% van de afgewezen asielzoekers duikt onder. Bovendien is het onduidelijk wat er na die 30 dagen gebeurd – wordt een verdere opvang gegarandeerd of worden ze op straat gezet? Dat betekent dat het akkoord amper een oplossing biedt voor de actuele situatie waarbij aan deze gezinnen opvang werd geweigerd.

Het is bovendien onwettig: het Grondwettelijk Hof besliste dat deze kinderen op basis van hun kwetsbaarheid en de rechten van het kind onvoorwaardelijk recht hebben op opvang en niet op basis van hun medewerking aan een terugkeertraject. De overheid mag hen dus niet op straat zetten als ze niet terugkeren. Uiteraard betekent dit niet dat de gezinnen niet moeten begeleid worden naar een duurzame oplossing, en die kan ook een terugkeer zijn.

Wij vragen het kabinet van staatssecretaris Maggie De Block, Fedasil en de Dienst Vreemdelingenzaken te overleggen met partners en de civiele maatschappij om voor deze gezinnen een structurele oplossing uit te werken. Hierin moeten een menswaardige opvang, intensieve begeleiding door gespecialiseerde sociaal assistenten en het migratieproject van het gezin centraal staan. Het vinden van een effectief duurzame oplossing moet het doel zijn.

Enkel zo kunnen we deze kwetsbare minderjarigen een toekomst garanderen – in het land van oorsprong of in België.

Achtergrondinformatie akkoord en opvang gezinnen zonder wettig verblijf

Het nieuwe akkoord tussen de Dienst Vreemdelingenzaken en Fedasil vervangt het samenwerkingsakkoord van 19 september 2010 tussen beide partijen. Deze akkoorden bepalen wat er met deze gezinnen gebeurt eens ze opgevangen zijn. Het nieuwe akkoord, dat in alle stilte is afgesloten, verandert de begeleiding die de gezinnen krijgen én verbindt de opvang van deze gezinnen met hun medewerking aan de terugkeerbegeleiding.

Dit druist in tegen de wet, aangezien het Grondwettelijk Hof in 2003 besliste dat minderjarigen zonder wettig verblijf waarvoor de ouders niet kunnen instaan in hun onderhoudsplicht opvang in een federaal centrum kunnen vragen. De enige voorwaarden voor deze opvang zijn hun minderjarigheid, administratieve status (zonder wettig verblijf) en hun staat van behoeftigheid. Het KB van 24 juni 2004 (aangepast in 2006) voegt hieraan toe dat binnen de eerste drie maand van hun opvang een begeleidingsproject wordt opgesteld dat gericht is op een regularisatie van hun verblijf in België of vrijwillige terugkeer. Om dit te bewerkstelligen sloten Fedasil en de DVZ in 2010 een samenwerkingsakkoord af dat deze begeleiding vastlegde. Deze tweesporenbegeleiding (terugkeer/integratie) ging in maart 2011 van start. In essentie werden de gezinnen gedurende enkele maanden begeleid in het zoeken naar een duurzame oplossing – regularisatie in België of terugkeer naar het land van herkomst.

Nu, na slechts twee jaar, wordt deze begeleiding plotsklaps vervangen door een eenzijdige terugkeerbegeleiding, gelijklopend met degene voorzien in de open terugkeerplaatsen van Fedasil. Deze begeleiding blijkt echter niet succesvol, aangezien de overgrote meerderheid (78%) van de mensen die een terugkeerplaats toegewezen kregen onderduiken. En wat gebeurt er met hen na die 30 dagen? Wordt er verdere opvang voorzien of worden zij aan hun lot overgelaten?

Indien deze trend zich herhaalt bij de gezinnen zonder wettig verblijf zal het nieuwe akkoord deze kwetsbare gezinnen effectief dieper de kwetsbaarheid induwen. Tot slot: het terugkeercentrum in Holsbeek telt slechts 100 plaatsen, goed voor een 20-tal gezinnen. Is dat voldoende wanneer de overheid vorig jaar 1056 gezinnen had moeten opvangen?

Cijfers

In 2011 en 2012 werden respectievelijk 131 en 127 (nieuwe) gezinnen opgevangen. Toch werd Fedasil gevraagd respectievelijk 553 en 1056 gezinnen op te vangen. Het verschil is het gevolg van de structurele weigering van Fedasil deze gezinnen op te vangen. Fedasil weigerde sinds 2009 deze gezinnen op te vangen. Eind februari nog raakte bekend dat Fedasil in 2012 1056 gezinnen – goed voor 4314 mensen, waaronder 2378 kinderen – op straat liet staan. In 2011 werd er aan 1242 kinderen opvang geweigerd. Staatssecretaris De Block gaf eerder in het parlement ook toe dat zij geen prioriteit gaf aan deze minderjarigen. Er restte de geweigerde gezinnen niets anders dan Fedasil te laten veroordelen door de Arbeidsrechtbank. Dit kostte tijd en geld - voor de gezinnen én voor de staat. Na een veroordeling vangt Fedasil ze wel op. Eens opgevangen, werden de gezinnen volgens het oude samenwerkingsakkoord begeleid naar een terugkeer ofwel een regularisatie.

Alle cijfergegevens zijn afkomstig uit parlementaire vragen, officiële verslagen, etc.

Achtergrondinformatie Platform Kinderen op de vlucht

Het Platform Kinderen op de vlucht is een nationaal, tweetalig platform met 38 leden en waarnemers. Het Platform is ontstaan in 1999 en coördineert de acties van vakmensen die rechtstreeks werken met niet-begeleide minderjarige vreemdelingen (NBMV) en minderjarigen die met hun ouders zonder wettig verblijf in België zijn. Het Platform volgt onder meer het legislatief en institutioneel kader op en formuleert aanbevelingen en voorstellen die het respect voor de fundamentele rechten van minderjarige vreemdelingen waarborgen. De leden van het Platform Kinderen op de vlucht werken rechtstreeks met één van beide doelgroepen.

Meeting levert een actieve bijdrage aan het uitoefenen van de grondrechten en toekomstperspectieven van mensen zonder wettig verblijf in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Meeting
Oppemstraat 54
1000 Brussel
Tel. 02/502.11.40
E-mail: info@meetingvzw.be

Meeting is een deelwerking van Samenlevingsopbouw Brussel vzw en Link=Brussel vzw met de financiële steun van de Vlaamse Gemeenschap en Vlaamse Gemeenschapscommissie.