Besmettelijk enthousiasme

Het zogenaamde Ebola-collectief is regelmatig terug te vinden in korte nieuwsberichten door de opeenvolgende opmerkelijke acties in Brussel, waarvan de blokkades van de Wetstraat nog wel het meeste opzien baren. Alexis Andries werkt voor Pigment vzw, een Brusselse vereniging waar armen het woord nemen, en ondersteunt deze groep mensen zonder wettig verblijf uit landen die zijn getroffen door de Ebola-epidemie in hun vraag naar bescherming.

Begin 2014 startte Alexis een project dat specifiek focust op de geestelijke gezondheid van mensen zonder wettig verblijf. Tijdens een verkenning van de manier waarop er zorg wordt gedragen voor de geestelijke gezondheid van deze groep, beslist Pigment vzw om zelf te onderzoeken wat de effecten van groepswerk kunnen zijn. Deze benadering kwam vooral voort vanuit het idee dat dit een versterkende werking kan hebben. ´Het leeuwendeel van de mentale problemen waarmee mensen zonder wettig verblijf worstelen komen namelijk voort uit mechanismen van maatschappelijke uitsluiting, die mensen op relatief korte termijn kapot maken. Dat merkten we ook heel sterk tijdens bijeenkomsten van de praatgroep die we aanvankelijk hadden opgestart. De deelnemers legden ons steeds opnieuw de vraag voor wat wij als vereniging kunnen doen om hen écht vooruit te helpen en een einde te maken aan de mensonterende levensomstandigheden. Zo evolueerden de bijeenkomsten steeds meer naar een politieke praatgroep.´

´Ongeveer gelijktijdig kwamen we ook in contact met mensen zonder papieren uit landen die getroffen waren door de Ebola-epidemie. Ook zij vroegen ons of we hen niet wilden ondersteunen. Vanaf het moment dat de Dienst Vreemdelingenzaken aankondigde dat er geen gedwongen uitwijzingen meer plaatsvonden naar die landen van herkomst, werd de bereidheid tot collectieve actie enorm groot binnen deze groep.´

Voor Pigment was het ook eerder logisch om de groep verder te ondersteunen. Zij doen dit in eerste instantie vanuit hun maatschappelijke opdracht om aan de emancipatie van mensen in armoede te werken en voorwaarden te creëren opdat zij hun uitsluiting kunnen aanklagen. ´Wij doen dit steeds bottom-up, d.w.z. dat de groep de richting van het proces bepaalt. Vanuit die basisvisie leggen wij eigenlijk geen beperkingen op aan wat de groep wil doen of beslist. Zij zijn immers autonoom. Het gaat tenslotte om hun toekomst, en niet die van ons.´

Deze houding blijkt echter nog niet wijdverspreid in het maatschappelijk middenveld. ´Ik merk toch wel regelmatig dat het niet evident is voor organisaties om volledig mee te gaan in zo´n dynamiek. Dat begint meestal met een zekere angst dat de organisatie ook overspoeld zal worden met allerlei individuele hulpvragen, naast de ondersteuning van de politieke doelstellingen. Of de vrees om te worden meegesleept in een avontuur dat je als sociaal werker misschien niet aankan. Daarnaast lijkt het voor organisaties soms ook onmogelijk om een sociale beweging te ondersteunen die niet altijd 100 procent is geënt op haar eigen eisen of ideeën. Natuurlijk hebben wij vanuit Pigment vaak ook onze bedenkingen bij een bepaalde tactiek die de groep wil hanteren. Soms achten wij bepaalde politieke eisen ook volledig onhaalbaar. Toch vinden wij niet dat dit ons ervan moet weerhouden om de groep te blijven ondersteunen, en daarmee ook hun eisen. Het blijft hun strijd voor menselijke waardigheid en erkenning, die volkomen legitiem is. Dat wil echter niet zeggen dat we zwijgen over onze eigen principes. Bedenkingen over de te volgen weg moeten we ook wel degelijk uiten. Het is belangrijk om dit steeds openlijk te communiceren naar de groep zodat zij ook weten wanneer je voor jezelf wat grenzen oplegt en misschien even wat minder prominent aanwezig bent. Dit zorgt ervoor dat we elkaar niet moeten veroordelen, maar kunnen blijven samenwerken met wederzijds respect. Het is ook een kwestie van jezelf steeds in vraag stellen: misschien hebben wij het wel bij het verkeerde eind, en niet de ander.´

Maatschappelijk verzet organiseren op deze basis zal nog wel wat voeten in de aarde hebben volgens Alexis. ´Veel organisaties vertrekken nog steeds vanuit de opvatting dat zij het zich niet kunnen permitteren om verder te gaan in hun beleidsbeïnvloedend werk dan zij nu doen. Zij hanteren hierbij soms een neutraliteitsprincipe, omdat zij bijvoorbeeld vooral een uitvoerende taak hebben zoals het aanbieden van hulpverlening. Anderen lijken ook represailles te vrezen van de subsidieverstrekkende overheden als zij zich te kritisch opstellen ten aanzien van datzelfde beleid. Het moeilijkste blijft toch wel het dilemma over het consequent volgen van ontwikkelingen in een groep. Organisaties moeten niet hun principes aan de kant zetten, maar soms wel even buiten hun eigen muren treden. Mensen passen zich namelijk snel aan als ze onze organisaties bezoeken. Zo leren we ze nooit écht kennen. Het is aan ons als sociaal werkers om ook de eigen biotoop van de mensen met wie willen samenwerken leren te ontdekken en begrijpen.´

Het sociaal werk dat een emancipatorische opdracht heeft zet vaak sterk in op het procesmatig werken, waarbij het eindresultaat vaak van ondergeschikt belang is. Alexis is hier erg duidelijk over. ´Het is belangrijk voor de deelnemers om bij een groep te horen en nieuwe ervaringen op te doen, maar uiteindelijk zoeken zij wel een concrete oplossing voor hun levensgroot probleem. Voor de groep zelf is het pas geslaagd als hun vraag om bescherming ook effectief wordt ingewilligd.´

Tekst: Ronnie Tack, Samenlevingsopbouw Brussel
Tijdschrift Opbouwwerk Brussel 113
Juni 2015

Meeting levert een actieve bijdrage aan het uitoefenen van de grondrechten en toekomstperspectieven van mensen zonder wettig verblijf in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Meeting
Oppemstraat 54
1000 Brussel
Tel. 02/502.11.40
E-mail: info@meetingvzw.be

Meeting is een deelwerking van Samenlevingsopbouw Brussel vzw en Link=Brussel vzw met de financiële steun van de Vlaamse Gemeenschap en Vlaamse Gemeenschapscommissie.